5-12-2025 | Hij heeft al heel wat boeken op zijn naam staan. Toch vindt Gerwin van der Werf het elke keer opnieuw spannend als een nieuw boek van hem in de winkel ligt. ’’Wordt het gezien? Gewaardeerd?’’
Van der Werf is deze zondagmiddag (30 november) in Dansschool Hulzebos in Meppel op uitnodiging van Literatuurclubs Drenthe, dat zijn boek Wilgeneiland koos als een van de vier dit seizoen te lezen boeken.
Ellie Dikkers, die de Leeswijzer schreef bij Wilgeneiland en daar voor deelnemers aan de Literatuurclubs lezingen over hield, vraagt allereerst of Van der Werf een kenmerkend stukje uit zijn boek wil voorlezen.
Meteen zitten de toehoorders in het moerassige veenweide landschap in het Groene Hart waar zowel “eenden als geheimen in het stille water dobberen.” Het gebied waar Natan, de hoofdpersoon in Wilgeneiland, opgroeit.
Humor
Gerben van der Werf had al vroeg de drang om te schrijven, te tekenen of stripverhalen te maken. Het werd muziek. Nog altijd is hij als muziekdocent twee dagen per week actief. Inspiratiebronnen zijn de werken van Willem Elsschot vanwege diens zelfspot en humor. Ook het wereldbeeld van W.F. Hermans heeft hem beïnvloed. Humor zou in elk boek “verplicht moeten voorkomen” vindt Van der Werf. Zoals in Wilgeneiland de grappen over buurman Tom die voor Jezus speelt in de musical Jesus Christ Superstar, over Krijn de koster en de Club van Mannen die te veel voelen.
Toen de boekencommissie van Literatuurclubs Drenthe Wilgeneiland koos als een van de vier boeken die dit seizoen worden besproken en een poosje later het boekenweekgeschenk De Krater uitkwam “ontplofte de belangstelling,’’ aldus de schrijver.
Omslag
De ruim 1600 deelnemers aan de Literatuurclubs Drenthe zorgden ervoor dat er een extra druk moest verschijnen.
Daarbij koos de uitgever voor een ander omslag. Was het aanvankelijk een donkere plas met een eenzaam jongetje in een kano, het omslag dat ook in het verhaal zelf wordt genoemd, nu werd het een gestileerd dorpsgezicht, in lijn met andere herdrukken van Van der Werf.
Dat donkere in het oorspronkelijke omslag is in het boek terug te vinden in het werk van Aalt, de kunstschilder en klusjesman in Oud- Zweiland.
Bij de vraag en toelichting over het motto – een citaat van Sherwood Anderson- komt ook het ongrijpbare en niet te verwoorden fenomeen van kunst aan de orde. De innerlijke drang van Van der Werf om de sfeer en het gevoel van de romanfiguren in zinnen vast te leggen, verklaart waarschijnlijk de kracht van deze roman .
Intuïtief
’’Schrijven is een moeizame bezigheid,’’ stelt Van der Werf. En als het eenmaal gedrukt staat, komt de twijfel. Geeft dit de intentie wel weer?’’
Op de vraag van Ellie Dikkers hoe het schrijfproces bij hem verloopt, antwoordt Van der Werf eerlijk met “Ik had geen idee. Ik had geen gestructureerd plan. Het is meer een intuïtief proces.”
Zoals Ellie Dikkers in de Leeswijzer die zij over Wilgeneiland schreef al aangaf, staat de gedachtewereld van de hoofdpersonen dicht bij de eigen beleving van de auteur. Van der Werf voelt zich het meest verwant met de leefwijze van Aalt. Een somber, eenzaam schildersbestaan. Op bladzijde 9 van het boek staat: “De schilder zet met olieverf vegen op het doek, laag over laag, zwart over zwart.’’ En dan zet Aalt “de tijd’’ stil .
Daarna volgt de geschiedenis van de afzonderlijke individuen met hun eigen identiteit en afkomst waar je als lezer in meegaat maar het nooit helemaal beleeft. Zoals in het motto al werd aangegeven.
Open eindjes
Na de pauze volgen vragen uit de zaal, onder andere over de vele open eindjes in het boek, zoals “Wie is de echte vader van Christine?’’ De alwetende verteller weet het ook niet.
Aan het einde van dit interview vertelt Gerwin dat hij in Bergen in het Roland Holst Huis begonnen is aan zijn nieuwe roman. De locatie vormt deze keer een klooster in het Zwarte Woud waar in de negende eeuw of iets later muziekgeschiedenis werd geschreven. Zo sluipt het autobiografische aspect – Gerwin is immers muziekdocent – zijn literaire werk binnen.
Vice voorzitter Joke Rosier bedankt Ellie – die drie jaar lang boekbespreker was en voor perfecte leeswijzers zorgde – voor haar inzet en vooral voor haar grondige bestudering van de plaatsen/de locaties waar de verhalen zich afspeelden.